Individuele statushouder heeft geen afdwingbaar recht op huisvesting binnen een bepaalde termijn
Een Iraanse statushouder klaagde dat hij ondanks zijn verblijfsvergunning nog steeds geen woning had gekregen en dat het volgens de gemeente nog anderhalf jaar zou duren. De rechtbank oordeelt dat zij niet bevoegd is om te oordelen over het nog niet aanbieden van een woning. Het toewijzen van woningen aan statushouders vloeit voort uit bestuurlijke afspraken en taakstellingen, maar geeft een individuele statushouder geen afdwingbaar recht op huisvesting binnen een bepaalde termijn (zoals 10-14 weken). Ook internationale regels zoals de EU-Kwalificatierichtlijn, het Handvest van de EU en het EVRM geven geen recht op snelle toewijzing van een woning. Zolang de man opvang van het COa krijgt en kan werken en zelf naar een woning kan zoeken, is er volgens de rechtbank geen sprake van strijd met mensenrechten.